Men is slechts bezig en gehaast, wanneer men de innerlijke mogelijkheden mist om niet-bezig en niet-gehaast te zijn.
Stel steeds tot morgen (en liefst tot overmorgen) uit, wat gij niet met geweld gedwongen wordt heden te verrichten. Waarschijnlijk is dan intussen het overbodige van de handeling gebleken.
Uitstel is een vorm van luiheid en een bewijs van verstand.
Men maakt het bestaan in een ontluisterde wereld volmaakt hopeloos als men er de kiesheid en kuisheid aan onttrekt.
Verlangt gij naar de hemel?
Dan moet gij beginnen er een te scheppen.
Matigheid is deugd noch kunst. Men moet leren met mate onmatig te zijn.
Wij doen alleen onze plicht, wanneer wij te weinig vindingrijk zijn om iets anders te doen.
Wie tevreden is met menselijk zijn, stelt waarlijk geen hoge eisen aan zichzelf.
De mens wordt gediend met wat hij vindt, niet met wat hem geleerd wordt.
Verlies is winst: door wat men afleert wordt men beter. Door wat men aanleert alleen maar eigenwijs.
Er is een lang leven voor nodig om de gevolgen van de opvoeding geheel te boven te komen.
Zij die zich de dwingeland van hun kinderen maken, wreken zich op hun eigen jeugd.
Zij die op rijpe leeftijd iets behoorlijks voortbrengen zijn daartoe in staat niet omdat zij iets verworven, doch omdat zij iets verloren hebben.