Briefwisseling. Deel 1: 1608-1634
(1911)–Constantijn Huygens–916. Aan J.I. PontanusGa naar voetnoot2). (K.A.)Vriendelijk dank voor het zenden van uw bundel gedichtenGa naar voetnoot3). Gij moet het mij niet euvel duiden, dat ik weinig schrijf; ik heb er heusch geen tijd voor. Hag. Com., 16 Kal. Iun. (= 17 Mei) CIƆIƆCXXXIV. |
|