Het beroemde prentenboek naar Struwelpeter(1905)–Heinrich Hoffmann– Auteursrecht onbekend Vorige Volgende [pagina 20] [p. 20] VII. De geschiedenis van den duimzuiger. ‘Koentje, ik ga uit met pa, Jij blijft thuis,’ zei eens mama. ‘Pas nu netjes op, hoor kind, Zoodat 'k alles netjes vind. Snoep nu uit de kast niet weer En zuig niet op je duimen meer, Want de kapper, heusch! 't is waar! Komt dan daadlijk met de schaar En hij snijdt je tot je straf Allebeide duimen af.’ Nauwelijks was mama gegaan, Of hij heeft het tóch gedaan. Deur gaat open. Wie is daar? 't Is de kapper met de schaar, En hij vliegt in snellen draf Op den stouten Koenraad af. Hoe of Koen ook klaagt en schreit, Knip, knap, knip, de duimen snijdt [pagina 21] [p. 21] Met de schaar de kapper af, Nu had hij z'n verdiende straf. En toen ma kwam, zei ze: ‘Koen, Kind, hoe kon je toch zoo doen? Of je nu al snikt en schreit, Je bent en blijft je duimen kwijt.’ Vorige Volgende