Wat praat men toch van onderdrukte minderheden? In deze bloeitijd van de gemene man is er, waar ter wereld, geen minderheid die zo vernederd, gehoond, getrapt wordt als zij die zich vermeten boven de middelmaat uit te stijgen.
De Gelukkige Uitzonderingen zijn tegenwoordig wel heel ongelukkig.
De bovenlaag lijdt, helaas, altijd de nederlaag.
Een elite zonder massa is zinloos, een massa zonder elite redeloos.
Ik begrijp niet, wanneer ik het leven van de meeste mensen aanschouw, waarom zij er bezwaar tegen hebben dood te zijn. Het is een verlossing óf niet meer dan een naamsverandering.
Schijndood is een zeldzaam verschijnsel. Schijnlevend is driekwart van de mensheid.
Bijna niemand boetseert zichzelf meer. De massamens geeft er de voorkeur aan klei te blijven.
Van de talloze miljoenen op aarde zijn er slechts enkelen, die niet slechts aanwezig zijn, doch bestáán.
Wij zijn zonder uitzondering slaven. Er bestaat echter een wezenlijk verschil tussen de slaven die behagen scheppen in hun slavernij, dat wil zeggen de meerderheid, de menigte, - en de slaven die hun slavernij vervloeken en slechts leven door en voor het Protest.
Wanneer wij niet meer de slaaf zouden zijn van de samenleving, gezin, kerk en andere mythen, blijven wij toch altijd nog onverbiddelijk en onherroepelijk de slaaf van onszelf.
Niemand leeft onafhankelijk. Het is maar de vraag of men afhankelijk is van de wereld of van een droom.