Spinoza
(1964)–Dimitri Frenkel Frank–
[pagina 108]
| |
arm zijn jas, in de hand een rond, geslepen brilleglas. Hij ademt erop, wrijft het schoon, houdt het voor z'n oog, houdt 't omlaag, bij de struik, kijkt erdoor, tuurt ermee tussen de bladeren.
spinoza
Hee. Heehee.
Hij steekt zijn vinger tussen de bladeren en haalt er iets uit.
Een lieveheersbeestje.
Hij bekijkt het zo op zijn vinger, dan door het glas.
Lieve Heer, wat ben je nu groot. Je ziet eruit als een monster van zo dichtbij. Maar ik ben niet bang van je. Als ik je zo in de zon hou met m'n glas erboven,
doet het, dan verbrand ik je binnen twee minuten. Nee, vlieg niet weg, ik zeg het maar: bij mij wordt niemand verbrand. Zelfs de lieve Heer niet. Ik zal het je vertellen: ik ga leren glazen te slijpen. En ik ga dat andere glas hier,
tikt op zijn voorhoofd
slijpen. Ik zal jou en dat gróte beest onder de loep houden tot er geen geheimen meer zijn. Wil je weg? Ga, je bent vrij, net als ik. Toe maar.
Blaast, kijkt omhoog.
Regelrecht naar boven, helemaal volgens het boek, een gespikkelde profeet, een keverige engel.
Naar boven roepend
God, we sluiten een nieuw verbond!
stem van spinoza
Wat stel je voor, Spinoza?
spinoza
Je spreekt tegen me als een mens, omdat je door mijn hersens spreekt, ik vertaal je, ik ken je alleen maar in de vertaling. Maar je bent in werkelijkheid oneindig, onpersoonlijk en ontoespreekbaar. Dit is de laatste keer dat ik dit met je | |
[pagina 109]
| |
speel, dit gespreksspel, dit kinderspel dat ze in de kerken opvoeren. Hier,
houdt zijn glas op, met zoiets ga ik je te lijf, ik zal je natuurkundig uit elkaar halen, ik zal bewijzen wat ik zeg. Luister, God, ik zal een boek schrijven met axioma's en stellingen, ik zal je behandelen alsof je een vierkant bent of elkaar in de eeuwigheid snijdende evenwijdige lijnen.
stem van spinoza
Voor wie schrijf je dat boek?
spinoza
Voor de verstandigen. Zodat ze weten hoe ze de domheid te lijf kunnen gaan. Zodat ze weten hoe je alleen kunt zijn zonder te vertwijfelen. Jij weet het net zo goed als ik: alleen redelijke mensen kunnen de wereld redelijk bewoonbaar maken.
stem van spinoza
Dus je bent nog altijd op jacht naar het geluk?
spinoza
Ik heb het gevonden.
stem van spinoza
lacht
Wat ben je zeker van jezelf. Waarom zullen jouw wiskundigen, die geloven in de driehoek, alleen het goede willen?
spinoza
Omdat het goede het enige redelijke is.
stem van spinoza
En hoe bewijs je dàt?
spinoza
Dat... dat zàl ik bewijzen.
stem van spinoza
Ben je niet een beetje belachelijk? Nog altijd? Wie alleen aan de rede gelooft, die kan in naam van de rede móórden en het goedpraten. | |
[pagina 110]
| |
spinoza
Dat is niet waar!
Schreeuwt
Dat is niet waar!
Schudt z'n vuist naar omhoog.
Ik zal bewijzen dat we goed kunnen zijn zònder poppenkast!
stem van spinoza
Je zult het nooit kunnen bewijzen.
spinoza
Ik zal het wèl...
stem
Je zult het nooit kunnen...
spinoza
Hou je mond!
De stem zwijgt.
spinoza
Zo. God houdt z'n mond. Natuurlijk. 't Is tenslotte mijn eigen stem die ik hoor. God zit hier
wijst op zijn voorhoofd
en ik ben hem de baas.
Naar boven.
Het is geen hoogmoed, God! Wij zijn dezelfde, jij en ik, we moeten als gelijken met elkaar praten, dat is de enige manier om vrij te zijn. Als we zo helder mogelijk onszelf zijn, dan pas lopen we aan je hand. Nietwaar? God?
Geen antwoord.
God! Je mag weer praten!
Geen antwoord, schreeuwt
Zeg dan wat!
Geen antwoord, het is donkerder geworden. Hij haalt z'n schouder op.
Dan niet.
Kijkt om zich heen.
Het wordt koud. Dat vlakke land hier in Holland, 't blaast om je oren, tot de horizon toe zie je niets en niemand, zoals het hoort.
Trekt zijn jas aan.
Ik heb een jas met een gat erin, ik zal 'm altijd blijven bewaren.
Naar boven.
En wat dan nog als er een gat in zit? 't Blijft toch een jas.
Staart voor zich uit, de zaal in.
Maar nu geen spelletjes meer.
Houdt het glas voor z'n oog.
Alleen
| |
[pagina 111]
| |
dit. Een glas slijpen. Er doorheen kijken.
Steekt het glas in zijn zak.
En ik zàl het bewijzen. Dat het kan. Wel doen en blij zijn.
doek
|
|