Spinoza
(1964)–Dimitri Frenkel Frank–bron
Dimitri Frenkel Frank, Spinoza. De Bezige Bij, Amsterdam 1964
codering
DBNL-TEI 1
Wijze van coderen: standaard
logboek
-
-
verantwoording
gebruikt exemplaar
eigen exemplaar dbnl
algemene opmerkingen
Dit bestand biedt, behoudens een aantal hierna te noemen ingrepen, een diplomatische weergave van Spinoza van Dimitri Frenkel Frank uit 1964.
redactionele ingrepen
p. 9: de kop ‘Spinoza’ is tussen vierkante haken toegevoegd.
p. 73: in het origineel is een gedeelte van de tekst weggevallen. De redactie heeft de tekst tussen vierkante haken aangevuld.
Bij de omzetting van de gebruikte bron naar deze publicatie in de dbnl is een aantal delen van de tekst niet overgenomen. Hieronder volgen de tekstgedeelten die wel in het origineel voorkomen maar hier uit de lopende tekst zijn weggelaten. Ook de blanco pagina's (binnenkant voorplat, 2, 8, 112, binnenkant achterplat) zijn niet opgenomen in de lopende tekst.
[ voorplat]
Dimitri Frenkel Frank SPINOZA
[pagina 1]
SPINOZA
105
LITERAIRE REUZENPOKET
[pagina 3]
DIMITRI FRENKEL FRANK
SPINOZA
1964
UITGEVERIJ DE BEZIGE BIJ
AMSTERDAM
[pagina 4]
Copyright 1964 Dimitri Frenkel Frank Amsterdam
Druk Bosch Utrecht
[ achterplat]
Wat is historisch wáár aan dit stuk? Het handvol feiten dat we kennen: Spinoza en Rembrandt woonden twee pas van elkaar, ze kunnen elkaar gekend hebben, faillissement en verbanning vonden in die ene maand - juli 1656 - plaats, dat jaargeld is aangeboden, de valse Messiassen stonden op in die tijd, er is een aanslag op Spinoza gepleegd, hij heeft die gescheurde mantel altijd bewaard, de tekst van de vervloeking is letterlijk zo uitgesproken. Een toneelschrijver heeft elke vrijheid, maar ik hoefde niets te verwringen, want de geschiedenis had genoeg blank gelaten. Van de jonge Spinoza weten wij heel weinig, maar één ding is zeker: Spinoza was niet het zachte lam dat men later graag in hem wilde zien. Wie zijn brieven leest proeft de felheid, het ongeduld, de moed. Niemand gaat op zijn 24ste een hele wereldorde te lijf zonder temperament. En Rembrandt was waarschijnlijk inderdaad een soort godvruchtige Karel Appel met allure, een enorme potentie met moreel geknaag. Het spreekt vanzelf dat de vertoning afstand mag en moet doen van precieze historische en godsdienstige uiterlijkheden. Het enige wat telt is de eerbied voor deze twee gigantische tegenvoeters, die een konflikt tonen dat nog steeds uitgevochten wordt.
Dimitri Frenkel Frank
LRP105/350/60