De Vlaamse School. Nieuwe reeks. Jaargang 11(1898)– [tijdschrift] Vlaamsche School, De– Gedeeltelijk auteursrechtelijk beschermd Vorige Volgende [pagina 89] [p. 89] Reislust De zoete reislust doet de bruine doppen afspringen van de groen-ontloken zaden, die langs de boorden van de lentepaden tot bloemen bersten uit gezwollen knoppen... Als zoele regen valt hij... Door zijn kloppen kleedt hij al 't oude in nieuwe pronkgewaden, zoals in 't voorjaar, bloesemvol beladen, de grauwe stammen staan met witte koppen. Nu kan ik vrij de dorre tak uitbreken, uit groene blaadjes de verdorde wippen, in de opgesneden bast het bladoog steken dat saam moet groeien met de boombasttippen; dan wil ik entwas in de wond doen leken, die 't blanke snoeimes snijdt met glijdend glippen. J. Winkler Prins, Apeldoorn. Uit ‘Natuur-Simboliek’. Vorige Volgende