Hollands verlossing. Deel 2(1814)–Katharina Wilhelmina Bilderdijk-Schweickhardt, Willem Bilderdijk– Auteursrechtvrij Vorige Volgende [pagina 84] [p. 84] Tafereel van Hollands herstelling. Gods vinger wenkt, de trotsche Lucifer Stort van omhoog, van uit zijn oorlogskar Gebliksemd, op een berg van stervenden en lijken. De Wraakfiool zet aarde en lucht in brand, En de Engel roept: ‘Ontwaak ô Nederland, Herneem uw naam en rang by 's warelds koninkrijken!’ Ge ontwaakt, en rijst, ô Nederlandsche Maagd! Hy nadert, die uw wankle schreden schraagt: De Kluisters vallen af van uw geprangde handen, Gy strekt haar, vrij, naar God en Nassau uit. Uw Tuinleeuw brult, de moedwil ligt gestuit; Hy jaagt op nieuw den schrik in 't hart der Dwingelanden. [pagina 85] [p. 85] De Hemel juicht, en voert u blij te moê Den Hoed en Speer, en Waterstandaart toe, Met Staf en Oppermacht, en Eer- en Glorieteeken: En 't Wapenschild waaraan uw vrijheid hing, (Palladium, en pand van zegening,) Dat Neêrland weêr op nieuw beschermen mag en wreken. Ginds daalt een stoet van blijde Geesten neêr, En brengt de Olijf en Voorspoeds horen weêr, Van 's aardrijks schatten zwaar, met overvloed verladen. Daar reikt hun hand de vorstelijke kroon, Door God bestemd aan vijfden Willems zoon, Die eeuwig schittren moet door 't groen der lauwerbladen. B. Vorige Volgende