Yang. Jaargang 10(1974)– [tijdschrift] Yang– Auteursrechtelijk beschermd Vorige Volgende [pagina 148] [p. 148] De dauw van vrouwen hoelang duurt het kiemen wrikkend met de snaveltand des tijds aan de gelooide schaal de nukkige bolster het verzegelde praalgraf van de mummie de ongekroonde prins en zijn lemen geschrei soms betast ik een zonnestraal een warme ademtocht langs de randen waar ik haper met gekloven nagels en raaskal met een keel vol ketsende keien daarbuiten wandelt reeds mijn lijf het wulpse dier een lokvogel tussen hooi en papaverbloem [pagina 149] [p. 149] soms herinner ik me het blijspel van mijn handen de zingende merels van mijn vingertoppen in het waaiend nest luisterend naar het gegil van de pijnlijke ontknoping wanneer het televisietoestel nijdig wordt en sist in de nacht gistend in het keurslijf van de logica die sluit als een nijptang Vorige Volgende