Yang. Jaargang 10
(1974)– [tijdschrift] Yang–
[pagina 127]
| |
MarginaalVan ca. 1966 af hebben zich in de beeldende kunst richtingen ontwikkeld waarbij de betekenis meer ligt in abstracte ideeën dan in een materiële visualisatie daarvan. Genoemde ideeën worden soms in gesproken of geschreven woorden overgebracht. Deze kunstenaars maken echter geen gebruik van het medium taal op een literaire manier. Ofwel zijn deze teksten formuleringen van projecten i.v.m. visuele toestanden, ofwel brengen ze ideeën over i.v.m. kunst of taalstructuren. In geen geval kunnen deze teksten als autonome literaire objecten worden ervaren. We hebben ons hier beperkt tot een heel summiere keuze. De bedoeling was enkel even deze tendenzen ‘problematisch’ in deze bloemlezing te laten binnensluipen. De Nederlander Stanley Brown en de Belg Yves De Smet, die beiden uit de beeldende kunst komen, bedienen zich zelfs van het Engels als taal, hetgeen duidelijk afwijkt van de lijn van onze bloemlezing die zich beperkt tot Nederlandstalige teksten. Zij kiezen het Engels terwille van de internationale communicatie. Iemand als René Heyvaert, maakt via een brief-gedicht van zijn reiservaring in Amerika een kunstwerk. K. Schippers' teksten tenslotte lijken ons soms heel dicht bij het werk van sommige mensen uit de conceptual art te liggen. |
|