Basisbibliotheek
 
De Basisbibliotheek biedt een selectie van duizend titels uit de Nederlandstalige cultuurgeschiedenis van de Middeleeuwen tot heden, van romans tot proefschriften, van pamfletten tot bijbelvertalingen, van bakerrijmen tot memoires. Meer dan de helft van de teksten is nu al volledig beschikbaar; de overige teksten volgen in de loop van 2008. Zie toelichting en verantwoording bij de keuze.
alfabetisch alfabetisch volledige lijst chronologisch chronologisch volledige lijst per genre
ca. 1180, Heinric van Veldeke, Eneide
13de eeuw, Hadewijch, Strofische gedichten
13de eeuw, Penninc, Pieter Vostaert en anoniem, De jeeste van Walewein en het schaakbord
13de eeuw, anoniem, Limburgse sermoenen
13de eeuw, Hadewijch, Brieven
13de eeuw, Jacob van Maerlant, Alexanders geesten
13de eeuw, anoniem, Van smeinscen lede
13de eeuw, anoniem, Roman van Lancelot
13de eeuw, anoniem, Dietsche Catoen
na 1250, Jacob van Maerlant, Heimelykheid der heimelykheden
ca. 1266, Jacob van Maerlant, Der naturen bloeme
ca. 1274, anoniem, Leven van Lutgart
1275-1300, anoniem, Van den vos Reynaerde
ca. 1288-1294, Jan van Heelu, Rymkronyk betreffende den slag van Woeringen van het jaer 1288
ca. 1290, Melis Stoke, Rijmkroniek van Holland
einde 13de eeuw, Jan I van Brabant, Lyriek
einde 13de eeuw, anoniem, De natuurkunde van het geheelal
ca. 1300, anoniem, Het Luikse diatesseron
tweede helft 14de eeuw, Geert Grote, Contra turrim Traiectensem
1300-1325, Jan van Boendale, Brabantsche yeesten
14de eeuw, Geert Grote, Getijdenboek
14de eeuw, Gerard Zerbolt van Zutphen, De libris teutonicalibus
1300-1325, Jacob van Maerlant, Spiegel historiael (5 delen)
ca.1310, Johan Yperman, Cyrurgie
1315-1335, Lodewijk van Velthem, Spiegel historiael. Vijfde partie
1325-1328, Jan van Boendale, Der leken spieghel
1351, anoniem, Antidotarium Nicolaï
1359, Jan van Ruusbroec, Een spieghel der ewigher salicheit
1380-1425, anoniem, Van sente Brandane
15de eeuw, anoniem, Der byen boeck
ca. 1400, anoniem, Het Gruuthuse-handschrift
ca. 1400, anoniem, Die bouc van seden
15de eeuw, anoniem, De bouc van den ambachten
1400-1420, anoniem, Abele spelen
ca. 1404, Dirc van Delf, Tafel van den Kersten ghelove
ca. 1405, anoniem, Der vrouwen heimelijcheit
1410-1415, anoniem, Ridderboec
ca. 1411, Dirc Potter, Der minnen loep
1436, Magister Jacobus, Computus Magistri Jacobi
1477, anoniem, Groot privilege
1485, Jacop Bellaert, Van den proprieteyten der dinghen (naar Barth. Anglicus)
ca. 1496, anoniem, Elckerlijc
eind 15de eeuw, anoniem, Die 100 capittelen van astronomijen
1512, anoniem, Jan van Beverley
1513, anoniem, Tbouc van wondre
ca. 1514, anoniem, Een notabel boecxken van cokeryen
1517, Cornelius Aurelius, Die cronycke van Hollandt, Zeelandt ende Vrieslant (Divisiekroniek)
1525, anoniem, Dat batement van recepten
1530, Jan van Naaldwijk, Van Brabant die excellente cronike
1531, Andries de Smet, Die excellente cronike van Vlaenderen
1535, Christiaen van Vaerenbraken, Conste van musike oft vanden Sanghe
1540, Willem van Zuylen van Nyevelt, Souterliedekens
1544, anoniem, Antwerps liedboek
1548, Matthijs de Castelein, De const van rhetoriken
ca. 1550, Joos Lambrecht, Naembouck
1554, Menno Simons, Uytgangh ofte bekeeringhe
1557, Ambrosius Zeebout, Tvoyage van Mher Joos van Ghistele
1561, Eduard de Dene, Testament rhetoricael
1562, anoniem, Het Offer des Heeren
1562, Anthonis de Roovere, Rethoricale wercken (ed. Eduard de Dene)
1563-1564, Willem van Haecht, Dwerc der Apostelen
1565, Lucas de Heere, Den hof en boomgaerd der poësien
1566, Lodovico Guicciardini, Beschrijvinghe van alle de Neder-landen
1566, Pieter Datheen, De Psalmen Davids, ende ander lofsanghen
ca. 1568, Jan van der Noot, Het bosken
1569, Philips van Marnix van Sint Aldegonde, De bijencorf der H. Roomsche Kercke
1574, Marcus van Vaernewyck, De historie van Belgis
1574, anoniem, Geuzenliedboek
1576-1579, Andries Vierlingh, Tractaet van dyckagie
1581, Willem van Oranje, Apologie, ofte Verantwoordinghe
1581, Pontus de Heuiter, Nederduitse orthographie
1581, anoniem, Plakkaat van Verlatinge
1585, Simon Stevin, De Thiende
1585, D.V. Coornhert, Zedekunst dat is wellevenskunste
1586, Simon Stevin, Uytspraeck van de weerdichheyt der Duytsche tael
1588, Lucas Jansz Waghenaer, Spiegel der zeevaert
1590, Simon Stevin, Het burgherlyck leven
1591, Dirck Adriaensz. Valcooch, Den reghel der Duytsche schoolmeesters
1596, Jan Huyghen van Linschoten, Itinerario, voyage ofte schipvaert naer Oost- ofte Portugaels Indien
1604, Karel van Mander, Het schilder-boeck
1604, Willem Bartjens, De cijfferinghe
1605-1608, Simon Stevin, Wisconstighe gedachtenissen
1610, W. Baudartius, Morghen-wecker der vrye Nederlantsche Provintien
1612, Willem Meerman, Comoedia vetus
1612, Jacob van der Schuere, Nederduytsche spellinge
1613, Justus de Harduwijn, De weerliicke liefden tot Roose-mond
1614, H.L. Spiegel, Hert-spiegel
1614, Roemer Visscher, Sinnepoppen
1616, Daniël Heinsius, Nederduytsche poemata
1618, Nicolaus Mulerius, Hemelsche trompet morgenwecker
1623, anoniem, Zeeusche Nachtegael
1625, Jacob Cats, Houwelick
1626, Adriaen Valerius, Nederlandtsche gedenck-clanck
1630, Jacobus Revius, Over-Ysselsche sangen en dichten
1630, D.V. Coornhert, Wercken (3 delen)
1632, C. Barlaeus, Mercator sapiens
1636, Johan van Beverwijck, Schat der gesontheyt
1637, Jacob Cats, Trouringh
1641, Jan Adriaansz Leeghwater, Haerlemmermeerboeck
1642-1647, P.C. Hooft, Nederlandsche Historien
1642, Philips Angel, Lof der schilder-konst
1644, Johan de Brune (de Jonge), Wetsteen der vernuften
1646, A. Poirters, Het masker van de wereldt afgetrocken
1650, anoniem, 't Muyder-spoockje
1652, anoniem, Het Hollants wijve-praetjen
1652-1662, Jan van Riebeeck, Dagverhaal
1653, Constantijn Huygens, Hofwijck
1657, Joannes Six van Chandelier, Poësy
ca. 1657, Jan Zoet, 't Groote visch-net
1658, Johannes Amos Comenius, Portael der saecken en spraecken
1659, Abraham Palingh, 't Afgerukt mom-aansigt der tooverye
1660, Joan Baptista van Helmont, Dageraed, ofte nieuwe opkomst der geneeskonst
1662, Cornelis de Bie, Het gulden cabinet van de edel vry schilderconst
1662, Pieter de la Court, Interest van Holland
ca. 1665, Passchier de Fyne, Het leeven en eenige bysondere voorvallen
1667, Constantijn Huygens, Zee-straet
1668, Adriaan Koerbagh, Een bloemhof van allerley lieflijkheyd sonder verdriet
1671, Jan Luyken, Duytse lier
1671, Johan de Witt, Waerdye van lyf-rente naer proportie van los-renten
1672, anoniem, D'oprechte Oranje oogen-salf
1672, anoniem, Hollants venezoen, in Engelandt gebakken, en geopent voor de liefhebbers van 't vaderlandt
1677, Baruch de Spinoza, Nagelate schriften
1677, Baruch de Spinoza, Ethica
1678, Samuel van Hoogstraten, Inleyding tot de hooge schoole der schilderkonst
1678, Cornelis Bontekoe, Tractaat van het excellenste kruyd thee
1678, Willem G. van Focquenbroch, Afrikaense Thalia
1682, Geeraardt Brandt, Het leven van Joost van den Vondel
1682, Hieronymus Sweerts, Koddige en ernstige opschriften
1687, Lieven van Waarmond, Hollands koors
1688, Josseph de la Vega, Confusion de Confusiones
1690, Govert Bidloo, Ontleding des menschelyken lichaam
1690, Jan van der Heyden, Beschryving der nieuwlijks uitgevonden en geoctrojeerde slang-brand-spuiten
1691-1693, Balthasar Bekker, De betoverde wereld
1691, Johannes Duijkerius, Het leven van Philopater
1692-1702, Pieter Rabus, De boekzaal van Europe
1695, Nicolaas Heinsius, Den vermakelyken avanturier
1700, anoniem, De kloekmoedige land een zee-heldin
1704, Frederik van Leenhof, Den hemel op aarden
1705, Lukas Rotgans, Eneas en Turnus
1707, Gérard de Lairesse, Groot schilderboek
1708, Jan Luyken, Beschouwing der wereld
1708, Lukas Rotgans, Boerekermis
1711, Cornelis de Bruyn, Reizen over Moskovie
1711, Jakob Zeeus, De wolf in 't schaepsvel
1714, Pieter Langendijk, Het wederzyds huwelyksbedrog
1714, Jan Luyken, Geestelyke brieven
1715, Bernard Nieuwentijt, Het regt gebruik der werelt beschouwingen
1716-1722, H.K. Poot, Mengeldichten
1718-1721, Arnold Houbraken, De groote schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen. (3 delen)
1719, Balthazar Huydecoper, Achilles
1720, anoniem, Het groote Tafereel der dwaasheid
1720, Lambert Bidloo, Panpoëticon Batavum
1730, Balthazar Huydecoper, Proeve van taal- en dichtkunde
1731-1735, Justus van Effen, De Hollandse Spectator
1742, Willem van Haren, Leonidas
1744, Fredericus Ruysch, Alle de ontleed- genees- en heelkundige werken
1746, Albertus Frese, De electriciteit; of Pefroen, met het schaeps-hoofd ge-elektriseerd
1748, anoniem, De weergalooze Amsterdamsche kiekkas
1749-1759, Petrus Loosjes Azn. en Jan Wagenaar, Vaderlandsche historie
1754, anoniem, Karmans kermis-wensch
1756, Jan Willem Kals, Neerlands hooft- en wortelsonde
1763-1774, De Denker
1766, Juliana Cornelia de Lannoy, Aan mynen geest
1769, J. le Francq van Berkhey, Natuurlyke historie van Holland. Deel 1
1769, Onno Zwier van Haren, Agon, sulthan van Bantam
1770, Petrus Camper, Berigt van den zaaklyken inhoud van twee lessen, gegeeven aan de leden van de Teken-Akademie te Amsterdam
1773, anoniem, Het boek der psalmen
1775, anoniem, Ongelukkige levensbeschrijving van een Amsterdammer
1777-1779, J.F. Martinet, Katechismus der natuur
1778-1782, Hieronymus van Alphen, Kleine gedigten voor kinderen
1780, Willem van Hogendorp, Kraspoekol
1781, Martinus van Marum, Schets der elektriciteit-kunde
1781, Joan Derk van der Capellen tot den Pol, Aan het volk van Nederland
1781, Aagje Deken en Betje Wolff, Economische liedjes
1781, Simon Stijl, Het leven van Jan Punt
1782, Jacobus Bellamy, Gezangen mijner jeugd
1782, Willem Emmery de Perponcher, Onderwijs voor kinderen
1782, Aagje Deken en Betje Wolff, Historie van mejuffrouw Sara Burgerhart
1783, Rhijnvis Feith, Julia
1786, Marten Corver, Tooneel-aantekeningen
1788-1797, Willem Anthonij Ockerse, Ontwerp tot eene algemeene characterkunde (3 delen)
1788, Johannes Kinker, De Post van den Helicon
1789, anoniem, De zingende Kees
1794, Elisabeth Maria Post, Gezangen der liefde
1794, Herman Willem Daendels, Aan zyne Geldersche en Overysselsche landgenooten
1798, anoniem, Ontwerp van staatsregeling voor het Bataafsche volk
1805, P. Weiland, Nederduitsche Spraakkunst
1806, Jacob Haafner, Lotgevallen op eene reize van Madras over Tranquebaar naar het eiland Ceilon
1809, Willem Bilderdijk, De kunst der poëzy
1818, J.F. Willems, Aen de Belgen. Aux Belges
1823, Isaäc da Costa, Bezwaren tegen den geest der eeuw
1825, Jacob Eduard de Witte, Fragmenten uit de roman van mijn leeven
1830-1862, A.H. Hoffmann von Fallersleben, Horae Belgicae
1832-1853, Willem Bilderdijk, Geschiedenis des vaderlands
1832, Aarnout Drost, Hermingard van de Eikenterpen
1834-1835, De muzen
1835-1847, G. Groen van Prinsterer, Archives ou correspondance inédite de la maison d'Orange-Nassau (première série)
1835, Jacob Geel, Gesprek op den Drachenfels
1836, Jacob van Lennep, De roos van Dekama
1837-, De Gids
1838, J.F. Oltmans, De schaapherder
1838, Hendrik Conscience, De leeuw van Vlaenderen
1839, Nicolaas Beets, Camera Obscura
1840, A.L.G. Bosboom-Toussaint, Het huis Lauernesse
1842-1866, Jan Baptist David, Vaderlandsche historie (11 delen)
1843, C.E. van Koetsveld, Schetsen uit de pastorij te Mastland
1845, Hendrik Conscience, Geschiedenis van België
1847, G. Groen van Prinsterer, Ongeloof en revolutie
1851, C.W. Opzoomer, De weg der wetenschap
1852, Willem Gerard Brill, Nederlandsche spraakleer (3 delen)
1857, W.J. Hofdijk, Geschiedenis der Nederlandsche letterkunde
1858, P. Weiland, Kunstwoordenboek (3de druk)
1858-1862, P.J. Harrebomée, Spreekwoordenboek der Nederlandsche taal
1858, Cd. Busken Huet, Brieven over den Bijbel
1859, W.A. Holterman, De lucht
1859, De Schoolmeester, Gedichten van den Schoolmeester
1861, J. Wolbers, Geschiedenis van Suriname
1861-1863, Isaäc da Costa, Kompleete dichtwerken (ed. J.P. Hasebroek)
1861, Jan Pieter Heije, Al de kinderliederen
1862-1877, Multatuli, Ideën (7 delen)
1863, J.J. Cremer, Fabriekskinderen
1864, I.M. Calisch en N.S. Calisch, Nieuw woordenboek der Nederlandsche taal
1865, Jacob van Lennep, De vermakelijke spraakkunst
1866, J.J.L. ten Kate, De schepping
1867-1868, Jan ter Gouw en Jacob van Lennep, De uithangteekens
1868, Cd. Busken Huet, Lidewyde
1870, Willem van Hildegaersberch, Gedichten (eds. W. Bisschop en E. Verwijs)
ca. 1870, Anton Bergmann, Ernest Staas
1871, Jan ter Gouw, De volksvermaken
1872, Multatuli, Millioenen-studiën
1872, J. van Vloten, Nederlandsche baker- en kinderrijmen
1872, Jan Rudolf Thorbecke, Historische schetsen
1872, anoniem (wsl. Cornelis over de Linden, Eelco Verwijs & François Haverschmidt), Thet Oera Linda Bok (ed. J.G. Ottema)
1872, P.A.S. van Limburg Brouwer, Akbar, een oostersche roman
1873, Jan Hendrik Wijnen, De arbeid der kinderen in fabrieken
1875-1897, H.P.G. Quack, De socialisten: Personen en stelsels
1876-1888, Constantijn Huygens jr., Journaal [1673-1688] (4 delen)
1876, J. Beckering Vinckers, De onechtheid van het Oera Linda-Bôk
1876, François Haverschmidt, Familie en kennissen
1876, Rimmer van der Meulen, Bibliografie der technische kunsten en wetenschappen 1850-1875
1876, Gerard Bilders, Brieven en dagboek
1877, Eugène Fromentin, De laatste groote schilderschool
1877, Mina Kruseman, Mijn leven
1879, Alexander (prins der Nederlanden), Een vermoedelijk slotwoord
ca. 1880, Hendrik Conscience, Geschiedenis mijner jeugd
1880, Christiaan Snouck Hurgronje, Het Mekkaansche feest
1882, Onno Harmensz Sytstra en Pieter Jelles Troelstra, It jonge Fryslân
1882-84, Cd. Busken Huet, Het land van Rembrand
1882-1890, Taco H. de Beer, Onze volkstaal
1882, Albrecht Rodenbach, Gudrun
1885-1943, De Nieuwe Gids
1885, Willem Einthoven, Stereoscopie door kleurverschil
1886, Willem Kloos en Albert Verwey, De onbevoegdheid der Hollandsche literaire kritiek
1887, S.E.W. Roorda van Eysinga, Uit het leven van Koning Gorilla
1887, Lodewijk van Deyssel, Een liefde
1887, P.A. Daum, Goena-goena
1888-1950, Christiaan Huygens, Oeuvres complètes (22 delen)
1888, Jac. Schoondermark, Gestoorde stoelgang en zijne behandeling met electriciteit, massage en water
1888-1891, F. Jos. van den Branden en J.G. Frederiks, Biographisch woordenboek der Noord- en Zuidnederlandsche letterkunde
1889, Herman Gorter, Mei
1890, C.A. Verrijn Stuart, Ricardo en Marx
1891, Louise Stratenus, De opvoeding der vrouw
1892-1896, C.H. den Hertog, Nederlandsche spraakkunst
1892, Frans Coenen, Verveling
1892, Georges Rodenbach, Bruges-la-Morte
1892, C. Joh. Kieviet, Fulco de minstreel
1893-1903, H.J.A.M. Schaepman, Menschen en boeken (5 delen)
1893, Pim Mulier, Wintersport
1893-1901, Van Nu en Straks
1894, Marcellus Emants, Een nagelaten bekentenis
1895, Émile Verhaeren, Poèmes
1897-1899, H.T. Colenbrander, De patriottentijd (3 delen)
1897, Hans Bontemantel, De regeeringe van Amsterdam, soo in 't civiel als crimineel en militaire (1653-1672) (ed. G.W. Kernkamp)
1897, Justus van Maurik, Indrukken van een 'Tòtòk'
1897, Cécile de Jong van Beek en Donk, Hilda van Suylenburg
1897, Eli Heimans en Jac. P. Thijsse, Hei en dennen
1898, Tobias Michael Carel Asser, Institut de Droit International: session de La Haye
1900, Bernard Canter, Twee weken bedelaar
1900, Top Naeff, School-idyllen
1900, Louis Couperus,